Voorstelling Jongerenkamer

Oprichting

Succesvolle start

De Jongerenkamer van de Bouwnijverheid van Limburg werd opgericht op 18 januari 1988, onder impuls van voorzitter Raoul Vandereyt en de nieuwe directeur Rik Mondelaers van wat toen nog de Syndicale Kamer der Bouwnijverheid van Limburg heette. Ze richtte zich tot aannemers en kaderleden tussen 21 en 40 jaar van bouwbedrijven uit alle deelsectoren, zowel de algemene bouw als de wegenbouw en de afwerkingsbedrijven.

Op de stichtingsvergadering waren niet minder dan 28 jonge aannemers en kaderleden aanwezig. André Martens werd tot voorzitter gekozen, Michel Haex en Benny Vanherle tot ondervoorzitters, en Patrick Vanherk tot secretaris. Beheerders waren Maurice Caubergs, Philip Demot, Thierry Derriks, Rob Dethier, André Govaerts, Guy Jans, Jos Van De Beek en Johan Vanwijsberghe. Administratief secretaris was Rik Mondelaers.

Volgens artikel 2 van het huishoudelijk reglement heeft de vereniging als voornaamste doel "de contacten en ontmoetingen onder jonge aannemers te bevorderen en te stimuleren, hen vertrouwd te maken met de werking van de Syndicale Kamer in bijzonder en de beroepsorganisatie in het algemeen en hen op te leiden en voor te bereiden op eventuele actieve functies in de beroepsorganisatie.

Tevens stelt de vereniging zich tot doel de onderlinge collegialiteit te bevorderen en de specifieke problemen van de jonge aannemers te onderzoeken. Om al deze doelstellingen te verwezenlijken zullen onder meer lezingen, studiedagen, seminaries,  debatavonden, uitstappen en groepsreizen worden georganiseerd en alle soortgelijke initiatieven welke bijdragen tot het bereiken van het beoogde doel."

In de voorbereiding op actieve functies in de beroepsorganisatie is de vereniging alleszins geslaagd. De meeste bestuursleden van toen (en later) zijn actief (of actief geweest) in het bestuur van de Confederatie Bouw Limburg en haar sectorverenigingen.

Ook van haar informerende taak maakte de vereniging onmiddellijk werk. Na de stichtingsvergadering kregen de aanwezigen al een lezing door Louis Vos, directeur van de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid te Hasselt, over de economische expansiesteun aan ondernemingen in het Vlaamse Gewest, de reconversievennootschappen en de EGKS, de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal die inmiddels opgegaan is in de Europese Unie (EU).

 

Steek-er-wat-van-op-kwis

Kwissen om er wat van op te steken

Amper drie maanden na haar oprichting organiseerde de Jongerenkamer al een 'Steek-er-wat-van-op-kwis' in samenwerking met het WTCB. Met meer dan 130 aanwezigen was deze eerste grote activiteit meteen een schot in de roos. Er volgden nog even succesvolle edities in 1989 en 1990 onder het voorzitterschap van André Martens.

In deze kwis werd de kennis van het bouwgebeuren van de jonge aannemers getest aan de hand van praktische vragen die werden opgesteld door Daniël Petit van het WTCB, en de jaren nadien ook door  de Groep S. Vanaf het tweede jaar was er een aparte kwis voor de dames, met eveneens waardevolle prijzen.

Voor de vrolijke noot zorgde telkens kwismaster Armand Schreurs, de radio- (en later oof TV-)humorist die met zijn vermaarde poppenspel de bekendste aanwezigen bij de neus nam en zo voor hilariteit en een opgewerkte sfeer zorgde. Voeg daarbij een groots koud buffet en alle elementen waren aanwezig om er een onvergetelijke avond van te maken, die de collegialiteit en samenhorigheid onder de leden sterk bevorderde.

                                                                                                                                                                                            

Weekendtraditie begon op zijn Romeins

De traditie van een (min of meer) jaarlijks weekend is ook al vrij vroeg ontstaan. Het is allemaal begonnen in maart 1991, toen voorzitter Rob Dethier een ontmoeting met de Jongerenkamer van Brugge organiseerde en daar een weekendje zee aan koppelde.

Niet minder dan 28 jonge aannemers tekendne present op de zetel van de Brugse Syndicale Kamer in de Ezelstraat. De samenkomst verliep zeer hartelijk en was ook erg leerzaam. Omdat de boog nietaltijd gespannen kan staan, was daarna een heuse Romeinse avond gepland in een restaurant in Knokke. De culinaire geneugten werden in die mate overgoten met alcoholische drank, dat men in de Romeinse tijd van een braspartij zou hebben gewaagd... Met als resultaat dat elke deelnemer een substantiële som moest ophoesten om niet te moeten afwassen. De wandeling in het Zwin die 's anderendaags op het programma stond, was zeer welgekomen om de nevels uit de zware hoofden te verdrijven.

Maar de jongeren hadden smaak te paken en er volgden al spoedig weekends in Spa (1992), Traben-Trarbach aan de Duitse Moezel (1993) en Amsterdam (1994), waar de jongeren de enorme werf Amstelhoek bezochten. In 1996 maakte voorzitter Philip Demot er een gastronomisch eekend van in Spa, met kasteel- en bosspelen onder leiding van de Heer Gaëtan. Het jaar daarom werd het zelfs een sportiefgastronomisch weekend op dezelfde plaats, met o.a. mountainbiken en boogschieten. Tijdens het herfstweekend van december 2000 in Antwerpen bezochten de jongeren de nieuwe Gyprocfabriek in Kallo. Onder voorzitter Dirk Martens ging het in hetzlfde jaar (2002) twee keer richting Frankrijk, nl. Reims en Parijs. Voorzitter Peter Mentens zette de stap naar heuse citytrips per vliegtuig naar Barcelona (2004) en Praag (2005). Daarna volgen nog Lissabon in 2006 en Krakau in 2007.

Met hun weekends verkenden de Limburgse jonge aannemers dus steeds verdere horizonten. Overal werd er ook plezier gemaakt, maar het allereerste weekend aan onze Belgische kust blijft voor de deelnemers van toen toch nog altijd het meeste memorabele.

 
Galerij van de voorzitters
 
André Martens:
“Iedereen voelde zich opgenomen in de groep”
 
  In haar eerste bestaansjaren onder voorzitter André Martens legde de Jongerenkamer vooral de nadruk op opleiding en informatie. Dat kon zowel ludiek zijn, zoals met de Steek-er-wat-van-op-kwis, maar even succesvol waren de computeropleidingen om de bouw de inforamtiseringstrein, die in die jaren volop op gang kwam, niet te laten missen.
In de computerworkshop werden toen lessen gegeven over onder andere Lotus123, Word Perfect en het gebruik van kadermodellen voor bedrifjsbeheer. Ze werden talrijk bijgewoond en hebben mee de basis gelegd voor het nu dagelijkse gebruik van de informatica in de bouwpraktijk.
Daarnaast werden er in die beginjaren meerdere studieavonden georganiseerd, debatavonden met eminente sprekers over o.a. opvolging in de KMO en over in- en verkooptechnieken.
Op de jaarvergaderingen werd telkens een prominente spreker uitgenodigd. In 1990 was dat juridisch adviseur Judith Van Coillie van de Nationale Confederatie over de tienjarige aansprakelijkheid, in 1991 (inmiddels wijlen) Valère Vautmans, kabinetschef van de gemeenschapsminister van ruimtelijke ordening en huisvesting, die het o.a. had over Aquafin en de monopoliepositie van de GIMV.
Op zijn laatste jaarvergadering (januari 1991) mocht André Martens, die de leeftijdsgrens bereikt had, dan ook terecht zeggen dat de Jongerenkamer in die eerste drie jaren al was uitgegroeid tot een gevestigde waarde binnen de Syndicale Kamer.
20 jaar is lang geleden, zegt André Martens. "Maar ik herinner me nog goed dat ik als eerste voorzitter altijd heb kunnen rekenen op de inzet van de groep. Maandelijk evalueerden we de economische toestand om daaruit conclusies te trekken voor de LImburgse bouwbedrijven. Toch er is ook veel gelachen en alle jongeren voleden zich opgenomen in de groep."
 
Rob Dethier: ideale leerschool
 

 Toen Rob Dethier in 1991 tot voorzitter werd gekozen, riep hij de bestuursleden op om nieuwe jongeren te introduceren en hen te helpen om hun drempelvrees voor de beroepsorganisatie te overwinnen. Met een Sinterklaasfeest, een weekenduitstap en een skiweekend werden onder zijn voorzitterschap drie nieuwe activiteiten op poten gezet die een traditie tot op de dag van vandaag zijn geworden. Als vervangende activiteit voor de Steek-er-wat-van-op-kwis besliste de Jongerenkamer om vanaf 1992 samen met de Vereniging van Algemene Aannemers het jaarfeest van de Limburgse bouw te organiseren. Met telkens zo maar eventjes 400 tot 500 deelnemers was en is het, samen met dat van de Kamer van het Waasland, het drukst bijgewoonde jaarfeest van de Vlaamse bouwsector!

Onderwerpen die in deze jaren aan bod kwamen op de beheerraadvergaderingen, waren o.a.: de miliereglementering Vlarem, de monumentenwacht, de renovatie van de mijncités, het ontwerp van besluit op de thermische isolatie en ventilatie, de nieuwe erkenningsreglementering, de actie tegen het zwartwerk, de Europese bouwrichtlijn 'gezondheid e nveiligheid op de bouwplaatsen', het uitlenen van werknemers, de beroependagen en de invoegbedrijven. Samen met KPMG werden hoogstaande studieavonden gegeven over onder meer de vastgoedlezasing en de fiscale behandeling van autokosten, met als lesgever Johan Van den Driessche.

Naast computercursussen werd er ook een cursus gegeven over 'motivatie en leiding geven'. Het bezoek aan de glasfabriek van St.Roch mag evenmin onvermeld blijven. Na de jaarvergadering van 1992 was Walter Kunnen gastspreker over het thema 'gezond bouwen'. Deze Limburger had zich toen al een reputatie als bouwbioloog opgebouwd en was zijn tijd eigenlijk ver vooruit.

Rooskleurige toekomst

Rob Dethier bewaar de beste herinneringen aan zijn jaren bij de JOngerenkamer. De plezante uitstappen en weekends staan in zijn geheugen gegrift. "JE leert er je collega's op een andere wijze kennen, wat gemeenschappelijjke problemen gemakkelijker bezspreekbaar maakt. Er worden bovendien vriendschappen voor het leven gesmeed. Het is een goede basis geweest voor mijn verdere beroepsloopbaan en een perfecte start om aan netwerking met mijn collga's te doen."

Zijn voorzitterschap van de Jongerenkamer (1991-1992) is voor hem een ideale leerschool geweest. "Als voorzitter maak je kennis met de werking van de Confederatie en dat is meestal een opstap naar andere bestuursfuncties. Ook is het een goede leerschool om vergaderingen te leiden en mensen te motiveren. Je leert er de vaardigheden die belagnrijk zijn voor een bedrijfsleider: luisteren, spreken, organiseren en motiveren."

De toekomst van de Jongerenkamer schat hij rooskleurig in. "Als ik zie hoeveel jonge ondernemers staan te trappelen om in het bestuur te komen en hoeveel volk hun activiteiten trekken, dan ben ik ervan overtuigd dat met de oprichting van de Jongerenkamer een grote nood werd ingevuld. Haar belangrijkste taak is om zoveel mogelijk jonge aannemerse aan te trekken, zodat ze elkaar beter leren kennen en de dagelijkse problemen waar allen mee te maken ehbben, bespreekbaar worden gemaakt."

 

Jan Kumpen: “Collegialiteit en jovialiteit”

  In januari 1993 nam Jan Kumpen de voorzittersfakkel over. Als nieuw initiatief begon hij met het organiseren van bezoeken aan belangrijke bouwplaatsen. het eerste ging naar de nieuwe luchthaventerminal van BATC in Zaventem, het tweede naar de werf Amstelhoek in Amsterdam, waar meteen een weekenduitstap van werd gemaakt. Eerder dat jaar (1993) waren de Jongeren ook een kijkje gaan nemen in de gresbuizenfabriek van Keramo-Winerberger  in Hasselt-Kuringen en in 1995 gingen ze in het Huis van de Toekomst in Vilvoorde de nieuwste snufjes ontdekken die gemeengoed kunnen worden in onze woningen. Een andere belangrijke nieuwe stap was de deelname aan de Beroependagen in de Grenslandhallen in Hasselt begin maart 2004. via allerlei doe-activiteiten kregen jongeren uit het lager secundair onderwijs gedurende drie dagen de kans om te proeven van een waaier van manuele beroepen. Ook van de bouwberoepen: de Jongerenkamer was er aanwezig met een grote stand en die oefenden een grote aantrekkingskracht uit op het jong volkje. De computerlesen hadden zo veel suces dat de JOngerenkamer besliste om een heuse computerzaal in te richten.

Op elke beheerraadsvergadering werd een conjunctuuranalyse van de Limburgse bouwsector gemaakt en ten gronde besproken. Andere onderwerpen die er aan bod kwamen, waren o.a. de invoering van dagboeken op de bouwplaats om de koppelbazenplaag te bestrijden, de werking van het Fonds voor Vakopleiding en de bedrijfsplannen voor de sector, het tekort aan geschoolde arbeidskrachten, het serviceflatprogramma, de oprichting  van de Grondbank en de abnormaal lage aannemignsprijzen. Een belangrijk aandachtspunt was de problematiek van de sociale-economieprojecten die in de nasleep van de mijnsluitingen door de Sociale Investeringsmaatschappij (SIM) wrden opgezet. bij dergelijke projecten werden de aannemers er contractueel toe verplicht om een bepaald aantal werkloos geworden mijnwerkers tewerk te stellen. Het verzet van de LImburgse bouwsector heeft tot gevolg gehad dat deze plannne nooit echt van de grond zijn gekomen.

Geen mannenclub blijven

Naast het verkrijgen van inforamtie over gezamenlijk gekozen thema's vindt Jan Kumpen het versterken van de collegialiteit de belangrijkste bestaansreden van de Jongenkamer. "Dat de jongeren allemaal met ongeveer dezelfde problemen kampen (pas afgestudeerd, pas gestart, familiale opvolging, enz.) schept een band. De jovialiteit van alle reizen en uitstappen zijn heirvan het beste bewijs. Die gemeenschappelijke factor mag men nooit uit het oog verliezen. Daarom is het niet goed om leveranciers in de jongerenwerking op te nemen. Dat zou aanleiding kunnen geven tot een te commerciële benadering."

Zijn voorzitterschap was voor Jan Kumpen een zeer goede introductie in de Kamer in het algemeen. "Ik leerde daardoor de werking van de beroepsorganisatie, haar bestuursleden en veel leden kennen. het regelmatig wisselen van voorzitter en het uitbreiden naar het tweede echelon in grote bedrijven, is volgens mij een lovenswaardig initiatief. Voorlopig is de Jongerenkamer nog een mannenclub en daar moet volgens mij verandering in komen: ze moet zich spiegelen aan de maatschappelijke realiteit van vandaag."

 

Philip Demot: “Jongeren houvast bieden”

 Philip Demot was pas afgestudeerd toen de Jongerenkamer werd opgericht, maar werd toch meteen actief in het bestuur. In 1996 werd hij de vierde voorzitter voor een periode van drie jaar. Onder zijn impuls gingen de Jongeren in 1996 voor het eerset op gastronomisch weekend naar Spa en het jaar nadien naar de Night of the Proms in Antwerpen. Dit jaarlijks muzikaal evenement zijn ze, met één jaar onderbreking, blijven bijwonen tot in 2004.

Zijn voornaamste bekommernis als voorzitter gold het ten onrechte negatieve imago van de bouw en van de aannemers. Dat is er mee de oorzaak van dat de sector met een te kleine instroom van jonge mensen kampt. De tweede opdracht van de Jongerenkamer is de jongeren die een bouwonderneming opstarten of er een verantwoordelijke functie in opnemen, een houvast te geven door het aanbieden van opleidingen en vooral door het creëren van een netwerk waarin aan ervaringsuitwisseling wordt gedaan en waaruit ook samenwerkingsverbanden kunnen ontstaan.

Onder zijn voorzitterscahp organiseerde de Jongerenkamer, naast de voortzetting van de computeropleidingen, o.m. een info-avond over bouwsoftware, een cursus 'Communicatief sterker durven vergaderen' en een cursus 'kostprijsberekening voor KMO's'. Ze was met een eigen infostand aanwezig op de deelnmae van de Kamer Bouwnijverheid van Limburg aan de Open Bedrijvnedag van 29 september 1996. ook gingen de jongeren op studiebezoek naar de Steenfabrieken Vandersanden in Spouwen.

Op de beheerraadsvergaderingen kwamen uiteenlopende onderwerpen aan bod: het Arbeidsmarktobservatorium, de exportbelemmeringen naar NEderland, het rekeningrijden, de Europese richtlijn op de detachering, de herzineing van het Maribelsysteem, de nieuwe versie van de aansprakelijkheidsregeling, de veiligheidswaarborg in de relatie tussen odprachtgever en contractant (BeSaCC), het Tewerkstellings- en Subsidieloket, de CAO m.b.t. de terbeschikkingstelling van personeel, de nieuwe reglementering op de interne en externe preventiediensten, en de wijziging van de reglementering op de koppelbazen.

Op de jaarvergaderingen informeerden externe sprekers de jongeren over het Prestiproject (PREventie van afval en STImulering van milieuzorg) i.s.m. de VCB en het WTCB (1997), cobonet i.s.m. de NCB en het WTCB (1998) en over het Procinciaal Ruimtelijk Structuurplan Limburg (1999) met als sprekers Peter Bongaerts en gedeputeerde Frieda Brepoels.

Geanimeerde bestuursvergaderingen

Philip Demot is met plezier lid en voorzitter geweest van een groep jonge, dynamische ondernemers die sterk aan mekaar hing. "Omdat ik nog maar pas afgestudeerd was, heeft de Jongernekamer een belangrijke rol gespeeld in mijn professionele ontwikkeling. De heel directe, informele en open ervaringsuitwisseling heeft daar in grote mate toe bijgedragen. Wat mij uit mijn periode als voorzitter vooral bijblijft, zijn de geanimeerde bestuursvergaderingen, die steeds gevolgd werden door even geanimeerde 'na'vergaderingen. Uiteraard ook de studieavonden, jaarvergaderingen en andere activiteiten, maar de echte vriendschapsbanden werden gesmeed tijdens onze weekenduitstappen, waarvan vele memorabel en sommige zelfs legendarisch zijn."

Wat de toekomst betreft, ziet hij het nog steeds als een opdracht van de Jongerenkamer om te werken aan het imago van de bouw en zo jonge mensen warm te tmaken voor de sector. In een steeds complexere samenleving en ineen sector die voor tal van uitdagingen staat, blijft het ondersteunen van jongeren die een bouwonderneming opstarten of er een verantworodelijkefunctie in opnemen, een odpracht die alleen maar aan belang zal toenemen. VAnuit de Jongerenkamer kunnen er bovendien eigen accenten worden gelegd in de belangenverdedigin van de sector bij de beleidsmakers.

 

Martin Lamers: “Zeer leerrijk jaar”

  Martin Lamers is de gewezn voorzitter met de kortste staat van dienst: amper één jaar. Hij werd tot voorzitter gekozen in maart 1999 en was het jaar nadien niet herkiesbaar wegens het bereiken van de leeftijdsgrens van 40 jaar.

Als trouwe deelnemer aan de skiweekends organiseerde hij op 24 september 1999 een ski-avond in Snow Valley in Peer. Het was eigenlijk een soort nareisbijeenkomst van het shortskiweekend van maart 1999 in Bridesles-Bains (skigebied Les 3 Vallées). De jonge aannemers bekeken er de film met hun esbattementen tijdens die skizesdaagse. ZE kregen tevens de kans om tussen twee skiweekends in hun skivaardigheden nog eens te oefenen of , voor de nieuwkomers, om de eerste principes van het skiën onder de knie te krijgen.

De belangrijkste onderwerpen die dat jaar op de beheerraadsvergaderingen ter sprake kwamen, waren de aansprakelijkheidsregeling, het Tewerkstellings- en Subsidieloket, de CAO met betrekking tot de terbeschikkingstelling van prsonel, de wijziging van de reglementering op de economische werkloosheid, den ieuwe wet op de koppelbazen en de nieuwe reglementering op de economische werkloosheid. na de jaarvergadering wijdde een afgevaardigde van Lernout & Hauspie de jonge aanneemrs met een roadshow in in de 'spraaktechnologie van de toekomst' (maar dat heeft dit West-Vlaamse bedrijf niet voor de ondergang kunnen behoeden...).

Hechte groep

Martin Lamers lijkt met veel plezier terug op zijn helaas te korte voorzitterschap. "Het is voor mij een zeer leerrijk jaar geweest waar ik ervaring heb kunnen opdoen. Die is mij achteraf goed van pas gekomen bij mijn voorzitterschap van een volleybalclub. De Jongerenkamer betekent voor mij altijd een blij weerzien met de jonge aannemers, met wei ik nog steeds goede contacten odnerhoud. Ik word nog regelmatig uitgenodigd op hun activiteiten, waar ik zoveel mogelijk aan deelneem."

De toekomst van de Jongerenkamer ziet er volgens hem goed uit. "Ik stel vast dat de groep net als vroeger zeer hecht en dynamisch is, niettegenstaande het aantal leden van de beheerraad bijna verdubbeld is. Zoveel mogelijk jonge aannemers en kaderleden betrekken bij de Kamer en haar activiteiten lijkt mij momenteel de grote uitdaging te zijn. Het is vandaag de dag blijkbaar niet zo simpel om hen over de streep te trekken".

 

Dirk Martens: “Bepaalde deuren gaan open”

 Dirk Martens is, net als zijn naamgenoot en eerste voorzitter André Martens, vier jaar voorzitter van de Jongerenkamer geweest (2000-2003). Onder zijn 'regeerperiode' gingen de jonge aannemers voor het eerst waterskiën (zie 'Te land, ter zee en in de lucht') en namen ze deel aan de Chambers Trophy van de Kamer voor Handel en Nijverheid van Limburg, een soort 'spel-zonder-grenzen' voor bedrijven in het domein Kelchterhoef. De andere deelnemers waren allemaal individuele bedrijven, alleen de jonge aannemers deden mee in verenigingsverband. Als autopiloot gaf hij zijn jonge collega's ook de gelegenheid om mee te racen op het circuit van Zolder.

Vermeldenswaard zijn ook twee eenmalig georganiseerde activiteiten in april 2003. Vooreerst de Case & wijnavond, gesponsord door toenmalig beheerraadslid Frank Keijers, verkoper van Case-graafmachine. Het was een kaas- en wijndegustatie in de voormalige orangerie van het Kasteel van Hamal (Tongeren). Er hoorde ene interessante rondleiding door de kasteelvrouwe zelf bij en ter afsluiting konden de deelnemers live meemaken hoe een dekhengst tewerk gaat (tot grote verbazing van het jongste beheerraadslid...). En dan was er het diner in het Spookhuys in Turnhout, in een decor van bewegende schilderijen, rammelende lusters, rook uit het plafond, donder en bliksem en meer van dergelijke horror. Het diner werd gevogld door een knotsgekke travestieshow, met een gastoptreden van beheerraadslid Luc Vanwijnsberghe, die niet alleen de 40 aanezigen van de eigen Jongerenkamer, maar de hele zaal (zo'n 400 personen) op de banken kreeg. Voor sommigen eindigde deze uitstap in de vroege uurtjes in een zwembad in Lommel...

Tijdens de beheerraaden ging de aandacht vooral naar het Platoproject voor de bouwsector, de veiligheidscoördinatie van tijdelijke en mobiele bouwplaatsen, het tekort aan geschoolde arbeidskrachten, de participatie van werknemers in de bedrijfswinst, het wetsvoorstel op dek oppelverkoop in de bouw, het nieuwe Vlarera en Vlarebo, de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties, de verzekering Algemene Bouwrisico's, de betrekkingen architecten-aannemers en de opstart van het ondernemignsloket Formalis. Er werden bedrifjsbezoeken gebracht aan Echo in Houthalen en de bouwplaats van het Vlaams hUis in Hasselt. En begin augustus 2004 gingen de Jongeren op uitstap naar Zeeland.

Op de jaarvergaderingen werden uiteenzettingen gegeven over de paritaire onderhandelingen en de sociale actualiteit in de bouw (Gabriël Delporte, 2002), het Centrum Duurzaam Bouwen (To Simons, 2003) en het Vlaamse bouwbeleid (Vlaams Minister van Wonen Marino Keulen, 2004). Nieuw was dat die jaarvergaderingen meestal werden afgesloten met het optreden  van een humorist: Dirk Denoyelle (2001), Nigel Williams (2002) en Armand Schreurs (2004).

Eens lid, altijd lid

Tjdens zijn voorzitterschap heeft Dirk Martens fijne mensen leren kennen en hij heeft er heel goede vrienden (zowel zakelijk als privé) aan overgehouden. "Ik kan iedereen die aangezocht wordt om voorzitter te worden, aanraden om die kans te grijpen. Wat mij het meest verrast heeft, is dat heel wat mensen u anders benaderen tijdens en na het voorzitterschap. Ook moet gezegd worden dat voorzitter zijn deuren opent die anders op een kier zouden blijven.'

Zelf probeert hij elke dag nog jonge zelfstandigen te overtuigen om de stap naar de Jongerenkamer te zetten, maar moet daarbij vaststellen dat er bij vele van hen nog steeds drempelvrees bestaat. "Elke voorzitter moet er blijven aan werken om die drempel zo laag mogelijk te houden. Want eens men lid is, blijft men lid. Voor mij moet de Jongerenkamer een vereniging  blijven van zonen en dochters van aannemers, en niet van leveranciers en werfleiders. Als men daar blijft naar streven, is er voor de Jongerenkamer nog een mooie toekomst weggelegd.'

 

Peter Mentens: “Gevestigde waarde”

 Peter Mentens is de voorzitter geweest die zijn medebestuurders per vliegtuig mee op uitstap nam en zelf de stuurknuppel hanteerde (zie 'Te land, ter zee en in de lucht'). Aansluitend bij deze hobby organiseerde hij in februari 2004 een bezoek aan de Luchtmachtbasis van Kleine Brogel, waar een 20-tal jonge aannemers een kijkje achter de schermen konden nemen en o.a.  hun vliegkunst mochten testen op de vluchtsimulator. Onder zijn 'bewind' (2004 en 2005) werden de weekends echte citytrips (naar Barcelona en Praag). Eenmalig was ook de whiskydegustatie in het Michielshuis in Bree, met een 20-tal deelnemers. Maar er waren ook heel wat ernstige activitetien, zoals de studienamiddag bij de firma Rockwool, de infoavond met als thema 'is uw werf ook juridisch beveilgd? Enkele valkuilen in boubwzaken' en het bedrijfsbezoek aan de cementfabriek CBR in Lixhe.

Op de beheerraadsvergaderingen werd gedebatteerd over onder andere de certificatie van competenties van arbeiders in de bouwsector, de problematiek van de ondergrondse leidingen, de herziening van de reglementering op de overheidsopdrachten door de omzetting van de Europese richtlijn, het Veerbootproject, het loopbaaneinde en de fianciering van de sociale zekerheid, de problematiek van de buitenlandse arbeidskrachten, de CO2-taks en de verlenging van de BTW bij renovatiewerken.

Op zijn eerste jaarvergadering waren er zelfs twee gastsprekers: Gabriël Delporte lichtte de nieuwe CAO toe en Marc Dillen de werking van de Vlaamse Confederatie Bouw. Op de jaarvergadering van 2006 behandelde Jef Staes van de Cooperatie Teacher Learning Organisation het thema 'Organisaties op zoek naar nieuw evenwicht'.

Op zijn voorzittershcap kijkt Peter Mentens terug als seen tijd met veel mooie momente, zowel zakelijk als persoonlijk. De Jongerenkamer is een gevestigde waarde binnen de Confederatie Bouw, vindt hij. "De opleidingen, de sociale contacten en de netwerking betekenen een meerwaarde voor de jonge aannemer. Gemotiveerde jonge ondernemers met een goede visie zijn de susccesvolle aannemers van morgen."

 

Dirk Trippaers: “Opvolging verzekerd”
 
 Dirk Trippaers, voorzitter in de periode 2005-2009, is de voorzitter die zijn volk leerde schieten en Paasbrunchen. Op 25 maart 2006 kregen een 20-tal jonge aannnemers in De Trigger in Neeroeteren schietinitiatie onder leiding van een politiecommissaris. Ze hadden daarbij de keuze uit een hele reeks wapens. De Paasbrunch op 23 april van datzelfde jaar in Molenheide was dan weer een familiegebeuren voor de leden van de beheerraad en hun echtgenotes en kinderen. De tweede editie heeft in 2007 plaatsgehad in Bokrijk. Er werd ook bedrijfsbezoek gebracht aan het metaalbedrijf Arcelor Mittal in Gent.
De raad van bestuur had op zijn vergaderingen onder andere aandacht voor de arresten van het Europees Hof van Justitie inzake detachering van werknemers, het openstellen van de greznen voor buitenlandse arbeidskrachten, het verdrag van Malta m.b.t. archeologische vondsten op werven, de gedragscode en modelovereenkomst van onderaanneming, het nieuw interprofessioneel akkoord, de Open Wervendag, de fiscale behandleing van de mobiliteitsvergoeding, de werking van FIBS (Flanders International Building Services), de CAO 2007-2008, de herziening van de registratieregelmetnering met loskoppeling van de hoofdelijke aansrpaeklijkheid en van de inhoudingsplicht, strategisch innoveren, en de nieuwe regeling van de mobiliteitsvergoeding. Als spreker na de jaarvergadering van 2006 had Jef Staes het over 'Organisaties op zoek naar een nieuw evenwicht'.
 
Springplank
 
In de jaren dat hij voorzitter was, heeft Dirk Trippaers veel kennis en ervaring kunnen opdoen via tal van opleidingen en infosessies. "Het voorzitterschap heeft mij, als jonge kracht in de grote bouwwereld, de kans gegeven om veel nieuwe mensen te leren kennen. Anderzijds hebben veel mensen ook de kans gekregen om mij te leren kennen. Ik heb er niet alleen veel zakelijke contacten aan overgehouden, maar ook een aantal nieuwe vrienden gemaakt."
De Jongerenkamer is voor iedereen een aanrader, vindt hij. "Ze moet zich nog meer richten naar alle bedienden in de bouwbedrijven en niet alleen naar zelfstandigen/bedrijfsleiders. Ze moet een springplank zijn naar de werking van de Confederatie Bouw Limburg en voor nieuwe, gemotiveerde mensen en constante vernieuwing zorgen. Als ik zie welke nieuwe generatie er binnen de Jongerenkamer nu klaar staat, dan ben ik ervan overtuigd dat de opvolging verzekerd is."
 
Karel Luyckx: “Klemtoon leggen op techniek”
 
  Karel Luyckx was voorzitter sinds 2010.
Onder zijn voorzitterschap werd de bouwsector geconfronteerd met tal van nieuwe uitdagingen. Eerst en vooral kreeg de sector te kampen met een grote economische crisis, waar nog steeds geen einde aan gekomen is. Dit heeft als gevolg dat er ongecontroleerde prijsstijgingen in de basisgrondstoffen van de bouwproducten optreden. Bijkomend zijn er nog de personeelsperikelen waar tal van bouwbedrijven mee te maken hebben: een toestroom van buitenlands personeel met onvoldoende kwalificaties, een tekort aan ervaren vakmensen, te weinig instroom aan bouwvakkers vanuit het onderwijs. Bijgevolg worden een gestructureerde organisatie en dynamisch personeel des te belangrijker. Naast deze uitdagingen staat de bouwsector ook nog voor heel wat vernieuwingen die doorgevoerd moeten worden bijvoorbeeld binnen tien jaar moet het E-peil van onze gebouwen met 60 punten dalen, er moet luchtdicht gebouwd worden en er moet gebruik gemaakt worden van ecologische producten en natuurlijke energiebronnen. Ook recyclage en alternatieve uitvoeringstechnieken zijn aan de orde.
 
Kortom technische kennis, bijscholing en opleiding zullen nodig zijn in alle lagen van de bouwbedrijven. Karel Luyckx: ‘Ik wil een soort scholingsprogramma binnen enkele grotere bedrijven lanceren om bouwvakkers op te leiden. Met de huidige visie binnen de Confederatie Bouw Limburg, de aandacht die aan opleidingen wordt besteed en het enthousiasme waarmee erop wordt gereageerd, ben ik ervan overtuigd dat we daarin de goede weg zijn ingeslagen. Overigens is het op techniek dat ik graag de klemtoon wil leggen in de termijn die voor me ligt als voorzitter. Het zal een rode draad vormen doorheen de activiteiten die we met de Jongerenkamer willen ondersteunen en organiseren.’ Deze technische kennis wil Karel delen door met de werkgroep tal van bedrijfsbezoeken, werfbezoeken, debatten tussen architecten en ingenieurs enerzijds en aannemers anderzijds te organiseren.
 
Maar naast deze informerende activiteiten is er natuurlijk ook plaats voor de nodige netwerking: ‘de Jongerenkamer staat symbool voor het organiseren van sfeervolle activiteiten waarin de hele sector de gelegenheid krijgt om elkaar op informele wijze te ontmoeten.’
Van deze ludieke, alom geprezen activiteiten, krijgen sommige een nieuw kleedje.
 
Zo zal het beroemde Sinterklaasfeest in een grotere locatie –de Limburghal- worden ondergebracht om nog beter te kunnen voldoen aan het stijgend aantal inschrijvingen. In de toekomst beoogt men met de Jongerenkamer Bouw een betere communicatie om zo een plaats op te eisen naast de vele netwerkevenementen die reeds bestaan. Een citytrip naar Madrid en een Kartingwedstrijd op het circuit van Genk zijn hier voorbeelden van. Ook op het gebied van communicatie zijn er plannen. Een nieuw Jongerenkamer-logo werd ontworpen en een nieuwe website werd online gezet. Via deze website kunnen leden zich registreren, zodoende krijgen ze op regelmatige basis een nieuwsbrief. Zowel voor het logo als voor de webpagina werd er geopteerd voor een strak design, met een speelse toets (de schuine J). Het logo belichaamt wat de Jongerenkamer moet zijn: ‘jong, modern en dynamisch. Kortom, jonge werknemers en kaderleden onder veertig die ‘out of the box’ kunnen denken.’
 
Te land, ter zee en in de lucht
 
Dat de Limburgse jonge aannemers sportievelingen zijn, hebben ze niet alleen bewezen met de skiweekends. Ze hebben ook een eigen invulling gegeven aan de titel van het succesvolle Nederlandse TVprogramma ‘Te land, ter zee en in de lucht’.
 
Onder voorzitter Martin Lamers nam de Jongerenkamer in 1999 deel aan de Karting Grand Prix, een organisatie van de jongerenafdeling van de Kamer voor Handel en nijverheid van Limburg (KHNL) en de Jonge Kamer Haspengouw in Raceland Kart in Meeuwen, die afgesloten werd met een barbecue. Deze wisselbekerwedstrijd had zoveel succes bij de jonge aannemers dat ze na enkele jaren het merendeel van de ploegen leverden. In 2004 organiseerden ze dan maar zelf een kartwedstrijd in Bilzer Karting onder de naam ‘Grote Prijs Confederatie Bouw Limburg Karting’. Met groot en blijvend succes. De volgende edities vonden plaats in Eupener Karting, het grootste indoor kartcircuit van Europa.
 
Vorig jaar waren er niet minder dan 28 deelnemers in ploegen van 4 tot 6 personen en op het afsluitende buffet werden niet minder dan 180 aanwezigen geteld! Maar de jongeren schrikken ook niet terug voor het ruigere werk. Op 29 augustus 2002 nam een team van de Jongerenkamer, bestaande uit voorzitter Dirk Martens en de oud-voorzitters Rob Dethier en Philip Demot, met de racewagen van eerstgenoemde deel aan de Belcar wedstrijd op het Autocircuit van Zolder. Na afl oop mochten de moedigen
onder de leden enkele rondjes meerijden met autopiloot Dirk Martens, wat bij het uitstappen nogal wat lijkbleke tot groene gezichten, knikkende knieën en erger opleverde…
 
De Jongerenkamer telt ook een waterskikampioen in zijn rangen: Jan Baillien is meervoudig Europees kampioen blootsvoets waterskiën (u leest het goed: waterskiën zonder ski’s). In 1997 behaalde hij zelfs goud en zilver op de Wereldspelen in Finland, de alternatieve Olympische Spelen voor sporten die daar (nog) niet toegelaten zijn. Hij organiseerde voor zijn collega’s op 29 juni 2002 een eerste waterskinamiddag op het Eilandje in Neeroeteren. Met zo’n kampioen als lesgever genoten een 20-tal jonge aannemers (en ook een paar echtgenotes) van de waterski-initiatie.
 
Van zoveel waterpret krijg je natuurlijk reuzenhonger, maar gelukkig werd ook deze activiteit afgesloten met een barbecue. Deze waterskinamiddag viel zozeer in de smaak dat hij ook een jaarlijkse traditie is geworden, met telkens een 40-tal aanwezigen. Ondertussen is bestuurder Tim Vandewinkel medelesgever geworden. Aan blootsvoets
waterskiën heeft zich nog niemand gewaagd, enkelen wel aan ‘wakeboarden’, dit is snowboarden op het water.
 
Na de weg en het water lokte ook de lucht. En het toeval wou dat de Jongeren met Peter Mentens ook een piloot onder hun bestuursleden hadden (later voorzitter). Met de Antonov 2 (van Russische makelij) nam hij in 2003 een tiental jongeren van op het vliegveld Sanicol in Leopoldsburg mee op dagtrip naar Zeeland, waar ze een fietstocht rond het Veerse Meer maakten. De tweede ‘luchtuitstap’ het jaar nadien ging naar Spa, maar toen was het slechte weer spelbreker. Het was al tegen de middag voordat ze konden opstijgen en bij de landing in Spa brak er een hevig onweer los, zodat er niets anders op zat dan in het vliegtuig te wachten tot het over was. Er bleef dan alleen nog tijd over voor een korte stadsrondleiding en een etentje …
 
                     
 
Op de latten
        (en ‘op de lappen’)
 
Je bent jong en je wil wat. Dat gezegde geldt eveneens voor jonge aannemers, zeker als ze ook nog sportief zijn. Zo duurde het niet lang of een aantal leden van de Limburgse Jongerenkamer smeedden plannen om samen met hun echtgenotes (en zelfs enkele kinderen) op skiweekend te gaan. Die plannen werden begin 1992 voor het eerst concreet gemaakt in het Mühltal in Oostenrijk. Onnodig te zeggen dat er niet alleen lustig werd geskied, maar dat er ook duchtig aan ‘aprèsski’ werd gedaan: beide activiteiten wedijverden zelfs met elkaar in duur…
 
Dat eerste weekend was zo’n meevaller dat er einde datzelfde jaar al een tweede editie kwam, ditmaal in Bad Aussee. En sindsdien maken de Limburgse jonge aannemers ieder jaar een skistation in Oostenrijk, Frankrijk of Italië onveilig. Ook deze jaarlijkse skivakantie is een traditie geworden die stand houdt tot op de dag van vandaag. En het mag gezegd worden dat op de latten - en ook (of meer nog) ’op de lappen’ - hechte vriendschappen zijn gesmeed. Opmerkelijk is dat slechts één aannemer altijd van
de partij is geweest: Martin Lamers.
 
Een memorabel skiweekend was dat van 2006 in Galtür/Ischl.De terugrit heeft toen zo maar eventjes 27 uur geduurd. Niet minder dan 14 uur stonden de deelnemers geblokkeerd ergens op de Duitse autosnel(?)wegen. De Duitse brandweer heeft de verkleumden toen opgewarmd door gratis koffie en thee te bezorgen.  

 

Sinterklaas

 

Op zondag 1 december 1991 organiseerde de Jongerenkamer zijn eerste Sinterklaasfeest. Het was een matinee, waarop ongeveer 400 kinderen, ouders en zelfs grootouders aanwezig waren. Na de kinderreceptie (en een aangepaste versie voor de volwassenen) nam de bekende TV-vedette Tante Terry de kinderen op sleeptouw
met spel, muziek en dans, waarbij zelfs enkele volwassenen zich niet onbetuigd lieten. Ze had daarvoor ditmaal niet Nonkel Bob meegebracht, maar wel Nonkel Marcel met zijn synthesizer. Ook met haar ‘ballonnenact’, waarbij ze ballonnen in een handomdraai in dierenfi guren omvormde, wist zij klein en groot te boeien.
 
Buikspreker Gert Boullart deed de stemming ten top stijgen tegen de komst van Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten rond het middaguur. Omdat alle kinderen van de Limburgse aannemers braaf waren geweest – wat niet van alle aannemers kon gezegd worden… – waren zij gul met het uitdelen van snoep en speelgoed.
 
Dit Sinterklaasfeest was meteen een voltreffer en is dan ook een jaarlijkse traditie geworden. Tot op de dag van vandaag trekt het telkens 500 tot 600 deelnemers, maar het is niet meer Tante Terry die de kinderen bezighoudt, maar de alom bekende TV-clown 'Papa chico'.

 

Visie huidige bestuurders
Toffe groep en mooie toekomst
 
De huidige bestuurders van de Jongerenkamer kregen twee vragen voorgelegd: wat betekent de Jongerenkamer voor u en hoe ziet u haar toekomst?
De antwoorden geven blijk van een zeer grote eensgezindheid: de meesten vinden het een toffe groep jonge aannemers en zijn tevreden over de huidige werking. Een greep uit de antwoorden.
 
De Jongerenkamer is een gezellige groep gemotiveerde jonge aannemers die in een aangename sfeer ervaringen uitwisselen. Zij maakt zowel tijd voor het bespreken van serieuze onderwerpen en problemen, als voor ontspanning, onder andere met ludieke uitstappen. De informele contacten tijdens de citytrips, short-ski’s, enz. leveren steeds opnieuw interessante contacten en weetjes op. Het is een ideale ontmoetingsplaats om de collega’s uit de verschillende sectoren van de bouw op een andere manier te leren kennen, een aangename en spontane manier van netwerken.
 
De jongeren krijgen er de kans om op de hoogte te blijven van de evoluties in de bouwsector en om constructief mee te werken aan branchegerichte verbeteringen en opleidingen. Samen met de contacten is dit nuttig voor de exploitatie en de groei van het eigen bedrijf. Je leert er gebruik te maken van de diensten van de Confederatie en op die manier is het lidmaatschap ook een springplank naar bestuursfuncties binnen de Confederatie Bouw.
 
Over de toekomst zijn de bestuurders unaniem positief. Enkele citaten:
 
- Ik hoop dat we verder kunnen werken zoals we nu bezig zijn.
- Als de Jongerenkamer blijft zoals ze nu is, kan het niet beter.
- Zo verder doen, goed bezig, op naar de 25 jaar.
- De toekomst ziet er schitterend uit, gezien de stijgende respons op de activiteiten. Hierdoor zal de Jongerenkamer een toenemende sociale rol spelen in de bouwsector.
- Als de ploeg kan blijven gestuurd worden op basis van enthousiasme, zie ik een rooskleurige toekomst voor de Jongerenkamer.
- Dat de Jongerenkamer nog mag groeien en veel kan betekenen voor de bouwsector.
 
Sommigen vonden ook dat de Jongerenkamer de belangen van de jonge ondernemers moet blijven verdedigen. En dat ze jonge aannemers moet blijven aantrekken en bij de discussies over de problemen betrekken. Eén iemand wees erop dat de Jongerenkamer zich nog meer moet richten op jonge kaderleden en bedrijfsleiders.